zaterdag 9 juli 2011

gewonnen !

Het verhaal gaat als volgt: als je de camping Le Tindio verlaat en je neemt de weg om naar Port Crouesty te rijden, dan ga je eerst pakweg 100m licht bergop en daarna zo'n 700m bergaf. Als je beneden bent, net voor de haven, kom je aan een rondpunt. Aan dat rondpunt vind je een casino. Niet een winkel van de keten, maar een echt, zoals in films met James Bond.

In het voorjaar wou Monique, de vrouw van Manuel, mijn zeilmaat hier, even haar geluk beproeven. Manuel vond dat zinloos, dus liet ze het maar.
De volgende morgen ging dan het volgende verhaal: iemand was die avond datzelfde casino binnengestapt en de brave man stopte anderhalve euro in een gokmachine en presto ! Jackpot.

9.430.000 euro gewonnen ! 9.430.000... Daar kun je al iets mee doen, toch ?

Monique was niet zo gelukkig, want misschien had zij wel de gelukkige kunnen zijn...

les poissons, les poissons

Speciaal voor Ilke


Aan de waterkant in Port Saint-Jacques. En ja, er zaten ook grote vissen bij !




De grote waren zowat een halve meter lang.

vrijdag 8 juli 2011

vrijdag 8 juli

Vanmorgen zag het er redelijk uit. Deze morgen begon, na het ontbijt, met wat surfen op het internet, want ik had pas om 11u afgesproken met Manuel. Het waaide toch te hard om uit te varen.  Vandaag zou de Tour de France à la voile de Golf invaren - volgens Manuel de tweede grootste zeilhappening in Frankrijk -, dus zouden we deze voormiddag bij het havenkantoor navragen of ze meer informatie konden geven. Niet dus: ze wisten enkel dat er zoiets als die zeiltoer bestaat… Dus gingen we langs bij de Yachting Club de Crouesty in hetzelfde gebouw, waar ze ons goed nieuws te melden hadden: door de gunstige wind hadden de boten een voorsprong, dus zouden ze eerst halt houden in Crouesty.

Vanmiddag rond 14u stonden we op de uitkijk aan Petit Mont en kort nadien verschenen, bij windkracht 5 (!) de eerste spinnakers aan de einder. Terwijl de gewone jachten (allemaal minstens 9m, voor de kleinere was er teveel wind) met gereefde zeilen voeren, kwamen de wedstrijdboten aangestoven.


Om te winnen neem je risico’s… Binnen de kortste keren telden we 5 spinnakers en na nog geen half uur stoof de eerste voorbij de aankomstlijn. Dat ze meer risico genomen hadden dan de rest had geloond: het duurde bijna een uur eer de zesde binnenliep en toen ik vertrok, rond 17u, waren 11 van de 15 deelnemers aangekomen. De enige buitenlandse deelnemende boot – Brussels Hoofdstedelijk Gewest – was er nog niet bij.


Samen met de boten kwam ook de regen aangewaaid. Het oorspronkelijke plan – na de aankomst naar Port Navalo stappen om ze daar de Golf te zien binnenvaren – werd algauw opgeborgen, wegens veel te nat. Jammer voor ons en nog meer jammer voor de wedstrijdzeilers. Ze liggen niet wakker van een beetje water, maar de doortocht naar Vannes is er in principe puur voor het publiek. Uiteindelijk blijken we niets gemist te hebben, want volgens de gegevens op de wedstrijdsite liggen de boten nog altijd in Crouesty.
Indrukwekkend: de boten waren al onderweg sinds gisterenmorgen. Ononderbroken in het getouw met windkracht 4 tot 6, dat zal je wel voelen !
Mooie boten hoor. Spiksplinternieuw: de eersten zijn pas in mei 2011 geproduceerd bij Archambeault.

We stapten nog even een galerij op de kade binnen, waar foto’s van Philip Plisson te vinden zijn in alle kleuren en maten, op papier en op canvas, desnoods ingelijst. Om een idee te geven van wat die fotograaf doet: een luchtfoto van de Golf.


Maar vooral zijn dramatische opnames zijn welbekend.


Voor alle duidelijkheid: dit is een zeilschip uit 1896 (de naam ontsnapt me) in volle zee, niet een zinkend schip.

Nadien, aangezien het er niet naar uitzag dat het zou verbeteren, ging Manuel naar zijn P’tit Loustic en ik naar de camping. Ik was nog maar in de tent als het nog maar wat harder begon te regenen en het ziet er niet naar uit dat het snel over zal zijn… Normaal gezien zouden we morgen met Daniël – de eigenaar van de motorboot – zijn zeiljacht uitvaren, maar het lijkt erop dat dit niet door zal gaan. Voor zondag wordt windkracht 2 verwacht (voor zover ik de verwachtingen nog mag geloven, want vandaag zou het zonnig zijn), dus ook dan wordt niet gezeild want dan is er niet genoeg wind. Indien het niet regent, wordt zondag een fietsdag en begint het opruimen, want maandag keer ik terug naar mijn stal.

donderdag 7 juli

Woensdagavond werd voor donderdag windkracht 5 aangekondigd, afzwakkend naar 4 na de middag. Maar donderdagmorgen waren de vooruitzichten lichtjes aangepast: de voormiddag bleef windkracht 5, in de namiddag aanwakkerend tot 6 met pieken tot 7. Van varen was voor ons geen sprake, dus gingen Manuel en ik bootjes kijken aan Port Navalo, waar de Golf in verbinding staat met de Atlantische Oceaan.

jacht voor Méaban
Dat is een ingewikkelde situatie, die verbinding: vandaag was het laagtij rond 14 u en je zou dus verwachten dat vanaf dan de stroming in de richting van de Golf zou gaan (als het water stijgt, zou het de Golf binnen moeten stromen), maar omdat die helemaal gevuld is met zeewater moet je rekening houden met een zekere inertie, dus terwijl het water aan de kant van de oceaan weer opkomt, blijft het de Golf uitstromen. Dat staat garant voor boeiend spektakel. Je ziet golven tegen elkaar opbotsen, kruisende stromingen, zeer duidelijke, maar immer veranderende, grenzen tussen in- en uitstromend water en daar bovenop motor- en zeilboten die de Golf in- en uitvaren. Afhankelijk van de kunde en bedoeling van de schipper, vliegen ze door die verbinding of blijven ze een uur hangen. Op zich al een mooi gegeven, maar vanmiddag kwam daar nog eens windkracht 6 bij. De meeste schippers zijn – gelukkig – voorzichtig en hadden duidelijk zeil geminderd (de meesten voeren op één zeil, ofwel een gereefd grootzeil ofwel een deels opgerolde genua of fok ofwel een stormzeil). Sommigen kozen wel voor het spektakel en vertrokken volgetuigd, met spectaculaire hellingshoeken als gevolg. Als je dan met volle vaart tegen golven van pakweg 1,5m inbeukt, krijg je indrukwekkende beelden te zien!  Zo zagen we één zeiljacht het ruime sop kiezen terwijl de boot zeker 45° overhelde. Dat kan enkel maar zo zijn omdat de opvarenden daarvoor kozen. Het ging wel vooruit !

windkracht 6
Op de foto waren ze nog maar aan het "opwarmen". Nadien werd de hellingshoek veel spectaculairder, maar de boot was dan al ver buiten het bereik van mijn telezoom. Toen kon je de aanzet van de kiel zelfs zien !

Donderdagmorgen was mijn gasfles (voor het kampeerfornuis) na jaren eindelijk leeg, dus toen ik met de trike naar Port Crouesty, naar Manuel, vertrok, had ik de lege fles op de bagagedrager vastgemaakt. Dat ging prima met behulp van een paar elastieken. Campingaz is Frans en die blauwe flessen zijn hier door iedereen gekend. Aan de kaaien zijn er enkele magazijnen met scheepstoebehoren en aangezien aan boord ook op gas gekookt wordt, kon ik daar zeker mijn fles wisselen voor een volle.
Ik had er niet bij stilgestaan, maar Manuel vertelde me dat toen ik vertrok iedereen stopte en me nastaarde. Een trike is hier al een absoluut onbekend gegeven en als daar nog een blauwe gasfles op gemonteerd is, lijkt iedereen te denken dat ik met een gasaangedreven voertuig rondraas ! Hij zei dat het indrukwekkend was: alle hoofden draaiden mee met mij…

De voorbije nacht was niet zo denderend: de wind wakkerde weer aan en het heeft veel, maar niet echt hard, geregend. Vanmorgen was het in de tent 8°. Kan beter dus. Tegen 7u is de regen opgehouden en luwde de wind wat, maar ondertussen zijn weer enkele vlagen gepasseerd.

Vandaag en morgen passeert de “Tour de France à la voile”: vandaag varen ze de Golf binnen en zo naar Vannes; morgen volgen ze de omgekeerde weg. Als we kunnen uitvinden wanneer ze aan Port Navalo verwacht worden, ga ik zeker kijken ! De Tour de France wordt gevaren met een nieuwe eenheidsklasse: M34. Dat wil zeggen dat alle deelnemers met identieke boten varen. Leuk is ook dat je via de site, door middel van geolocalisatie, de actuele positie van de boten kunt volgen.

woensdag 6 juli 2011

woensdag 6 juli

Zoals gezegd, werd het vandaag een tochtje met een motorboot. Gelukkig heeft die een cabine, want er stond een stevige bries ! Voor op zee was windkracht 5 aangekondigd met golven van 2m, dus vertrokken we in de Golf van Morbihan, in Le Logéo, om van daaruit naar Vannes te varen. 
Voor de geïnteresseerden: de boot is een Jeanneau Merry Fisher 530 van 5,30 m lang met een 50 pk Mercury buitenboordmotor.De motor is een 1000 cc viercilinder met directe inspuiting.



Dit is min of meer de route die we volgden:


Om 8u30 lag de boot in het water. We begonnen met naar het noorden te varen, waarvoor we eerst de felle stroming van het opkomende tij moesten oversteken (de stroming ging van de ingang van de Golf, linksonder op de kaart, naar alle uithoeken en op de piekmomenten zou dit de sterkste stroming in Europa moeten zijn).  Dan ging het rond "Ile aux Moines" en rond 11u waren we in Vannes. Schitterend hoor: je vaart echt tot in het centrum en de haven is "iets" groter dan de Portus Gandae !

een deeltje van de jachthaven van Vannes
Na een heel kort bezoekje aan de stad - we hadden brood nodig - aten we gezellig aan boord. Vanaf de boot zag de tocht er voor de middag zo uit:


Vannes is echt een uitgebreid bezoek waard, maar dat zal voor een volgende keer zijn.

Bij de terugkeer was de situatie een beetje anders. We hadden dan wel de stroming mee (het was eb ondertussen), maar de wind, aangewakkerd tot windkracht 5, zat recht op kop en de golven, opgestuwd door de wind, waren tot ruim 1m hoog ! Onze gastheer heeft blijkbaar veel vertrouwen in mij, want de hele terugweg mocht ik de boot besturen (normaal gezien moet je daarvoor een vaarbewijs hebben). Veel houdt dat niet in: een gashendel, een knop om de hoek van de motor in te stellen en een stuur. De kunst is de boot op koers houden, zeker gezien de weersomstandigheden die we toen hadden.

fotootje van achter het stuur
Golven van 1m en een strakke wind op kop: dat is werken ! En een motorbootje van 5,30m krijgt dan stevige klappen te verduren, net als de passagiers. Gelukkig zaten we in een comfortabele stuurhut.


Rond 15 u waren we terug. Niets te vroeg, want de terugtocht was niet zo comfortabel geweest. Dat lag niet aan de stuurman, maar aan de omstandigheden. Met het zeiljachtje van Manuel was het al helemaal niet te doen geweest. De grote jachten die we zagen, lagen veel rustiger in het water en gingen ook nog sneller vooruit: het voordeel van het rompontwerp van zeiljachten.

Omdat het nog zo vroeg was, heb ik nog een eindje gefietst, naar Saint-Gildas de Rhuys, waar op woensdagnamiddag een markt gehouden wordt met artisanale en bioproducten. Gezellig om er rond te lopen en alweer kwamen mensen informatie vragen over mijn trike: of dat makkelijk is, of het comfortabel is, waarom ik daarmee rij, ...
Vlak bij Saint-Gildas vind je Grand Mont, van waaruit je een schitterend zicht hebt op de hele baai van Quiberon.


In de verte zie je Petit Mont: de ingang naar Port Crouesty ligt daarachter, net als de ingang naar de Golf. Verderop heb je dan Quiberon. Volgende keer dat ik naar hier kom, steek ik eens over van Port Navalo naar Lockmariaquer, om die kant - richting Quiberon - te verkennen.

Voor vannacht en morgen wordt maar liefst windkracht 6 verwacht ! Alle lijnen van de tent zijn vastgezet, alle elastieken met een piket ook. Nu wordt het afwachten hoe mijn optrekje zal reageren op de wind.

Morgen wordt niet gevaren. Dan gaan Manuel en ik naar Port Navalo: kijken naar de moedigen die de strakke wind willen trotseren en met of tegen de stroming de Golf in- en uitvaren. Eén van de dagen erna gaan we opnieuw naar Daniël - de eigenaar van de motorboot - om met zijn zeiljacht een eind de Vilaine op te varen. Daar schijnen ook prachtige plekjes te vinden te zijn. La Roche-Bernard ligt iets verder stroomopwaarts, met de oude stad op een rots die boven de rivier uitsteekt, en dat zou wel eens het doel kunnen worden.

dinsdag 5 juli 2011

dinsdag 5 juli

Dit is echt een rustdag: grijs en regenachtig, fris weer. Vanmorgen maakte ik dus enkele collages aan, die dienst zullen doen als elektronische postkaarten.



Het mag duidelijk zijn: hierboven zie je zaken die met water en boten te maken hebben.




Fietsen maakt ook een ruim deel uit van deze vakantie, dus ook een fietsbeeld.


Manuel liet me weten dat de weersverwachtingen voor morgen toch maar zozo zijn: droog, niet teveel wind, maar aan de Atlantische kant golven van 1 tot anderhalve meter (golven worden door de wind veroorzaakt) en een deining tot 2m (deining komt van veel verder). We zullen dus niet vertrekken in Port Saint-Jacques zoals eerst voorzien, maar in de Golf, in le Logéo.
Het ziet er naar uit dat het nadien weer stilaan beter wordt, dus zal er nog gezeild worden ook, maar niet meteen. 5 beaufort voor een bootje van 6,8m met kantelzwaard is simpelweg teveel !

maandag 4 juli

Vandaag was een rustdag. Manuel was doodop en zag het even niet zitten om te varen. Daarbij is zijn eerste kleinkind geboren en met het oog op het slechte weer morgen is hij dan maar heen en weer naar huis.
Vanmorgen was er tijd om de vakantieblog op te starten en wat op te ruimen. Vanmiddag maakte ik een wandeling: naar de uitgang van Port Crouesty om de processie van uitvarende motor- en zeiljachten te bekijken, vandaar langs de kaaien naar het oude centrum van Arzon, dan richting Port Navalo en dan naar de Pointe de la Palisse.
In de haven van Crouesty is er altijd wat te zien. Deze keer een schitterende trimaran, te breed om op de gewone plaatsen te liggen, dus meerde die maar aan achter de “capitainerie”.


De meest exotische en dure speeltjes zie je daar aanmeren. Elke keer liggen er enkele “OVNI”-zeiljachten, gebouwd door Alubat. Een aluminium romp, in principe bedoeld voor wereldreizen en reken maar op minstens 300.000 euro voor zo’n speeltje… Vorig jaar strandde er zo eentje voor de haven: de eigenaar dacht slim te zijn en een stukje af te snijden, waar op elke kaart staat dat je bij laagtij gegarandeerd de rotsen raakt ! Bij het volgende hoogtij is hij weer vlot geraakt, maar de rest van het seizoen lag zijn speeltje vast in de haven: verzekeringswerk.



Op weg naar de Pointe de la Palisse passeer je een “allee couverte”: een hunebed. Deze heet Grah-Niol. Het schiereiland staat vol met overblijfselen uit de periode van de megalieten: menhirs, hunebedden, steencirkels, … De eerste keer dat ik dat specifieke monument bekeek, was de eerste keer dat ik hier was, met Jente, in de regen…



Langs de pointe verder ging het tot aan de achteringang van de camping. Al bij al een wandelingetje van een tweetal uren.

Dit is het uitzicht vanaf de punt van la Palisse.

klik op de foto en dan kun je het panorama bekijken
Het bleef erg zonnig, met temperaturen van 26° op de camping en zo’n 23° langs de kusten (zowel de zeekant als de golf).



Aangezien ik het niet kan laten, haalde ik vanavond nog even de trike uit voor een uitstapje: weer even naar Port Crouesty (mooie afdaling tot daar, maar nu met de wind tegen) en van daaruit naar Port Navalo. Aangezien het vloed was, kon ik opnieuw het spektakel bewonderen van het water dat de golf binnenstroomt: echt spectaculair ! Met nog wat boodschappen doen tussendoor, staat de teller voor vandaag op 21 km.

maandag 4 juli 2011

de eerste dagen

Het onderweg zijn is voor mij altijd een vervelende noodzaak. 10 uren in de wagen, braaf de instructies van de gps volgen met als doel zo snel mogelijk ter plaatse te zijn. Zo snel mogelijk, zo leerde de ervaring me, is op de snelwegen zo rond de 110 km/u, zodat het verbruik binnen de perken blijft. Doe ik dat niet, dan moet ik stoppen om te tanken en zo gaat de gewonnen tijd al snel weer verloren.

Dinsdag ben ik rond 18u op de camping aangekomen. De rest van de avond gebruikte ik om de tent op te zetten en alles klaar te maken.


Woensdag was ik alleen, dus heb ik die dag gebruikt om de gemeente met de fiets te verkennen. Leuk fietsen hier: een golvend landschap. Het is een schiereiland, dus soms passeer je langs de kust.

Anse de Kerners
Dan weer volg je rotsstranden en kom je langs schitterende kleine haventjes.

Port aux Moines, Saint-Gildas de Rhuys
En soms rol je over een glooiend pad door het binnenland.

pad naar Saint-Gildas de Rhuys
Sinds de eerste keer dat ik hier kwam, is er wel wat veranderd op dat vlak: Frankrijk lijkt het fietstoerisme ontdekt te hebben, dus liggen er over het hele schiereiland "fietspaden". Dat moet je je niet voorstellen zoals bij ons. De paden liggen volledig los van de autowegen (plaats genoeg hier) en zijn voor het grootste deel grintpaden, met af en toe flinke putten.
Bij de toeristische dienst kun je wel een (gratis) kaart halen met al die paden aangegeven, dus het is wel behoorlijk georganiseerd. 

Donderdagmorgen, om 8u30, kwam Manuel me halen: de boot lag toen nog aan wal in Camoël, een plaatsje aan de oever van de Vilaine. Die Vilaine is een rivier, of eerder een stelsel van waterwegen dat Bretagne van noord naar zuid doorsnijdt. Op die manier kun je over het water van Mont-Saint Michel tot in het zuiden van Bretagne doorsteken. Wij maakten donderdag de boot klaar (halve dag werk: motor monteren, optuigen en controleren) en rond 15u lagen we in het water. Toen moesten we niet ver: door de sluiten stroomopwaarts naar Arzal, waar een jachthaven voor 1000 boten ligt. Daar hebben we overnacht.



sluis van Arzal (op de Vilaine)
Vrijdag zouden we de boot overbrengen van Arzal naar Port Crouesty, dat deel uitmaakt van Arzon, dicht bij de camping. Daarbij kwam nog een een derde man aan boord: Daniël. Hij is een gepensioneerd militair die in Arzal woont en een vriend van Manuel en eigenaar van een zeil- en een motorjacht.
Het zag er goed uit voor de tocht. De verwachtingen spraken van een noordoostenwind, kracht 3 tot 4: ideaal zeilweer.
Eerst moesten we vanuit Arzal tot aan de monding van de Vilaine en dat zal pakweg een drietal uren geduurd hebben. Geen wind tot een lichte bries op dat moment, maar aangezien we in het estuarium van een rivier voeren, maakte dat niet zoveel uit: dat moet toch grotendeels op motor, want de rivier ligt in een dal en de hellingen daarrond schermen de wind af.
Jammer genoeg bleef de wind uit toen we op zee kwamen en het zeeoppervlak was zo glad als een spiegel ! Rond 13u kwam een lichte bries opzetten, waardoor we aan wandeltempo verder konden op een nog altijd vlakke zee. Dat duurde een tweetal uren. Daarna wakkerde de wind aan, jammer genoeg recht op kop - dat was niet voorzien - en ook de golven groeiden aan. Tegen 16u zaten we aan windkracht 4 tot 5, met af en toe stevige rukwinden en de golven werden stilaan tot 1m hoog... Golven van voren en wind op kop op een boot die niet echt scherp aan de wind kan varen (kustzeiler met kantelzwaard), dus we hadden twijfels of we Crouesty wel zouden halen. Op dat moment, zo rond 17u, schatten we dat het met de gegeven omstandigheden nog een viertal uren zou duren.
We hebben nog een uur verder geprobeerd, maar met een aanwakkerende wind en golven en stroming tegen moesten we onze pogingen staken. Uiteindelijk wendden we de steven en volgden een zeer oncomfortabele koers naar de dichtstbijzijnde haven.
Oncomfortabel, want nu kwamen de golven achterop waardoor de boot alle kanten uitdraaide op die hoge golven en met de wind van achter, die de boot met de neus naar beneden duwde. Omwille van de harde wind was het grootzeil gestreken en de genua half opgerold, wat het navigeren er niet simpeler op maakte (in nautische termen: rollen, gieren en stampen, dus voortdurend corrigeren en dat is zwaar werk).
Enfin, tegen 19u zijn we de haven van Saint-Jacques binnengelopen. Manuel is toen naar Arzal gevoerd door Daniel en zijn vrouw om zijn auto op te halen. Daarna bracht hij me naar de camping en nu is het wachten op een gunstige wind om de P'tit Loustic tot in Crouesty te brengen.

zaterdag 2 en zondag 3 juli

Zaterdag zouden we een poging ondernemen om van Port Saint-Jacques naar Port Crouesty (in Arzon) te varen. De afspraak was dat ik tegen 11 u in de haven zou zijn om te kijken hoe het stond. Toen ik er (met de fiets) aankwam, was het al snel duidelijk dat we niet meteen konden vertrekken.
Port Saint-Jacques bij laagtij
Veel zon en grote contrasten, dus is het moeilijk te zien op foto, maar de boot lag muurvast in een laag modder. Water ? Jawel, aan de andere kant van de muur...
Zaterdag werd dus een fietsdag: van Saint-Jacques naar de Golfe de Morbihan en met een boogje terug naar de boot om Manuel gezelschap te houden.
De wind was ondertussen naar het westen gedraaid en dat is precies wat ons de dag ervoor onmogelijk gemaakt had om verder te varen. Tegen 17u reed ik terug naar de camping en zo stond de teller 's avonds op 70 km.

Zondag, 3 juli, hadden we beter afgesproken. De wind zat goed, we hadden de getijdentabel bekeken en om 8u stond Manuel op de parking in Port-Crouesty. We reden met mijn auto tot aan de boot. De wind zat perfect - een strakke oostenwind - en het was net hoogtij geweest. Om 9u waren we de haven uit. De genua werd half ontrold en het grootzeil kreeg twee reven. Toch ging het nog altijd goed vooruit: ruim 5 knopen voor de wind.

Op hetzelfde moment zou in Port Crouesty een regatta starten, dus moesten we uitkijken hoe we niet in het vaarwater van de wedstrijd terecht zouden komen. Wel een mooi zicht: ruim 30, misschien 40 identieke wedstrijdjachten die heen en weer varen aan de startlijn.

Met dat tempo waren we in anderhalf uur klaar ! Twee dagen ervoor leverden we 4 uren strijd voor de haven van Saint-Jacques, waarbij we amper vooruit raakten, en nu ging het bijna vanzelf...

Bij valavond maakte ik nog een wandeling langs het kustpad, om te genieten van het laatste zonlicht. Er was geen kat, de meeuwen krijsten en de late zon zette alles in een schitterende gloed.
op weg naar de Pointe de Kerners
baai achter camping
Vandaag (maandag 4 juli)  wordt een rustdag: wat boodschappen doen en een eindje fietsen. Het ziet ernaar uit dat het een dag zoals gisteren wordt: een matige bries en zo'n 27°.
Morgen wordt regen voorzien (niet veel, maar toch) en woensdag varen we met de motorboot van Daniël - iemand uit de regio- vanuit Port Saint-Jacques langs Port Navalo de golf in en dan door tot in het centrum van Vannes. Dat wordt dus een daguitstap. En een primeur voor mij: een dagtocht op een motorjacht. Wat Daniël daaronder verstaat, dat zie ik overmogen wel.